Polarisatiefilter voor USB digitale microscoop

Digitale microscopen zijn heel leuke dingen om mee te spelen en objecten microscopisch te onderzoeken. Ze hebben echter een groot nadeel en dat is dat de in de kop ingebouwde verlichting vaak veel reflecties en schitteringen veroorzaakt. Een van de manieren om de schitteringen te verminderen is m.b.v. een polarisatiefilter. Deze zitten ingebouwd in de Dino-Lite USB microscopen maar dus niet in mijn Celestron USB microscoop. Polarisatiefilters worden ook bij camera fotografie gebruikt en een dergelijk filter heb ik ooit eens bij een kringloopwinkel op de kop getikt. Deze past nagenoeg perfect op de onderkant van de microscoop. Het resultaat kan men zien in onderstaande compilatiefoto waar een oxaalzuurkristal bekeken wordt zonder en met polarisatiefilter.

Preparaat houders

Als microscopie een van je hobby’s is dan maak je regelmatig preparaten, bij voorkeur zeer platte zodat je cellen goed kunt zien. Nu zijn er ook iets dikkere preparaten die je bv met een stereomicroscoop wilt bekijken en die je ook wilt bewaren. Een manier om daar een preparaathouder van te maken is m.b.v. platte o-ringen die men in elke doe-het-zelf winkel kan kopen. Lijm deze m.b.v. contactlijm vast in het midden van een objectglaasje.  Plaats het te bewaren en te bestuderen materiaal binnen de o-ring en lijm vervolgens een dekglaasje vast op de o-ring.

Trommelmicroscoop

Oude zakmicroscopen verzamelen is een beetje een mini-hobby van me. Recentelijk heb ik onderstaande trommelmicroscoop gekocht (Engels: furnace microscope). Zoals men kan zien op onderstaande foto is het beeld dat men te zien krijgt niet van al te hoge kwaliteit. De hele buis is in zijn geheel uit de “staander” te halen. Alhoewel schijnbaar een populair ontwerp in de 19de eeuw is het concept verlaten omdat de hoeveelheid licht die op de spiegel kan vallen door de gedeeltelijke omhulling beperkt is, hetgeen de beeldkwaliteit niet ten goede komt. Bij latere microscopen staat de spiegel vrij zodat licht van alle kanten op de spiegel valt. Benoemenswaardig is dat de microscoop ook onder de naam ”furnace microscope”  oftewel “ovenmicroscoop” vermeld wordt. In het Teylers museum in Haarlem kan men ook een dergelijke microscoop zien staan.

Euglena

Op 7 juli 2018 was ik op een werkavond van de NGVM een watermonster uit een Delftse plas microscopisch aan het onderzoeken. Tijdens dat onderzoek kon ik ook onderstaande vertegenwoordiger van de Euglena familie observeren.

Euglena ’s zijn microrganismen die zowel plantaardig als dierlijk kunnen zijn. In de dierlijke vorm zwemt het rond en verzameld voedsel. In de plantaardige vorm is het passief en produceert zelf voedsel. Ze varieren in grootte en vorm alhoewle de meest voorkomende een sigaarachtige vorm hebben. De “buitenbekleding” van het lichaam, de Cuticle, kan van vorm veranderen. De kern (nucleus) is een zwarte vlek nabij het centrum van het lichaam. Op het vooreinde zit een lange haar, het Flagellum, die door het water zwiept en zo de Euglena voortbeweegt. De mond zit juist onder het Flagellum. Ze zijn groen van kleur omdat het lichaam chlorofyl bevat. Er is een oranjerode vlek nabij de voorkant van het lichaam die men de “oogvlek” noemt. Voeger dacht men dat deze oogvlek inderdaad een “oog functie” had omdat de oogvlek lichtgevoelig lijkt te zijn. Recentelijk onderzoek heef t laten zien dat de lichtgevoelige cellen rondom de oranjerode oogvlek liggen. Als het water opdroogt kunnen ze sporen vormen.

Suikerkristallen in glycerine

Ik ben al wat langer bezig met het maken van oplossingen die het mogelijk maken om het kristallisatieproces te vertragen zodat men de kristalvorming wat beter onder de microscoop kan bestuderen. Dat kan ook invloed hebben op de vorm van de kristallen.

In onderstaande foto kan men het resultaat zien van suikerkristalvorming in een water/glycerine oplossing.

De foto is gemaakt door de smartphone camera op het oculair te plaatsen.

Strandzand

De term zand, zoals de geoloog die gebruikt, heeft uitsluitend betrekking op korreltjes waarvan de afmetingen uiteenlopen van 0.063 tot 2 mm. Grotere brokjes tussen 2 en 64 mm heten grind. Fijner materiaal wordt onderverdeeld in silt (0.05 tot 0.004 mm) en in klei (kleiner dan 0.004 mm).

Zeezand bestaat uit allerlei onregelmatige korreltjes waarvan de oudste door erosie het meest zijn afgerond. Verreweg het leeuwendeel van alle korrels bestaat uit kleurloos, half doorzichtig kwarts. Andere korrels zijn wit, geelachtig en rood tot bruin: veldspaat. Donkerzwarte korrels zijn magnetische ijzeroxide of titaniumijzer. Dat zo veel zanden kwartszanden zijn komt door langdurig en herhaald transport waarbij al het andere, zachtere materiaal is opgeslepen.

Vulkanische, meer recent ontstane zanden bevatten zeer weinig kwarts, maar wel veel korrels olivijn, pyroxeen, ilmeniet en andere materialen. Organische zanden bestaan meestal uit kalkfragmenten van koralen, schelpen en mosdiertjes en komen op koraaleilanden voor.

Het zand van de Hollandse duinen is geelachtig doordat elke korrel met een dun laag ijzeroxide is bedekt. De vorming hiervan is een gevolg van de activiteit van micro-organismen en bacteriën.

Langs sommige delen van de Noord-Hollandse kust en ook op de Waddeneilanden wordt het zand fijn en helderwit: zilverzand. Dit bestaat voor bijna 100 % uit kwarts (SiO2). Het zand op de foto komt van Julianadorp en bestaat bij volledig uit kwarts.